Doodslag

Wat is doodslag?

Doodslag is het van het leven beroven van een ander zonder voorbedachte rade en/of vooropgezet plan. De wet stelt doodslag strafbaar in artikel 287 Wetboek van Strafrecht.

Hij die opzettelijk een ander van het leven berooft, wordt, als schuldig aan doodslag, gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren of geldboete van de vijfde categorie.”

Wat betekent dit in normaal Nederlands?

Kort gezegd is er sprake van doodslag wanneer iemand met opzet, maar niet met voorbedachte rade, wordt beroofd van zijn leven. Aan de wijze van beroving worden geen eisen gesteld: de dood van een ander kan in het dagelijks leven namelijk op heel veel manieren worden veroorzaakt. De belangrijkste vraag is of het slachtoffer door toedoen van de verdachte is gestorven en of de verdachte hier opzet op heeft gehad.

Onderscheid tussen moord/doodslag en doodslag/dood door schuld

Het verschil tussen moord en doodslag zit hem in het feit dat voor moord ‘voorbedachte rade’ vereist is. Als u zonder vooropgezet plan een ander van het leven berooft, kan dit onder de strafbaarstelling ‘doodslag’ vallen. Meer informatie over dit onderscheid vindt u onder het kopje ‘verschil tussen moord en doodslag’.

Indien de voorbedachte rade én de opzet niet kunnen worden bewezen, kan u ‘dood door schuld’ worden verweten. Dit feit wordt strafbaar gesteld in artikel 307 Wetboek van Strafrecht. Voor meer informatie over ‘dood door schuld’, zie hier.

Ik word verdacht van doodslag. Wat nu? 

Vaak staat een verdachte terecht voor zowel moord als doodslag. In de rechtszaal moet immers worden bepaald van welke van de twee sprake is. Dit is afhankelijk van of 1. de voorbedachte raad kan worden bewezen en 2. de opzet kan worden bewezen. In dit soort zaken is het dus allereerst van belang om goed te kijken naar de voorbedachte raad.

Voorbedachte raad is, zoals u onder de titel ‘moord’ kunt lezen, het doden van iemand met vooropgezet plan. Dit vooropgezette is in de praktijk regelmatig lastig te bewijzen. Wanneer de voorbedachte raad om deze reden door het openbaar ministerie niet kan worden aangetoond, wordt in de rechtszaal niet meer over moord gesproken. De vraag wordt dan of er sprake is van doodslag.

Voor doodslag is opzet vereist. Dit betekent dat u opzet op de dood van de ander moet hebben gehad. Hieronder valt ook het zogenoemde ‘voorwaardelijk opzet‘. Wanneer u bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat de ander zou overlijden naar aanleiding van uw gedragingen, kan doodslag eveneens worden bewezen. Opzet wordt onder andere afgeleid uit de aard van uw gedragingen. Over het algemeen wordt aangenomen dat wanneer een verdachte ernstig geweld tegen iemand gebruikt, deze ook accepteert dat iemand als gevolg van dat geweld overlijdt. Zo wordt de opzet dan bewezen.

Naast de opzet is ook het causale verband van belang. Bij doodslag wordt de verdachte verweten dat deze iemand opzettelijk om het leven heeft gebracht. Hierbij moet komen vast te staan dat de dood niet het gevolg is geweest van een andere oorzaak, dan het handelen van de verdachte. Uw handelen moet in direct verband staan met het intreden van de dood. Wanneer dit niet of onvoldoende het geval is, moet vrijspraak voor doodslag volgen.

Welke straf kan worden opgelegd?

Op doodslag staat een maximale straf van 15 jaar gevangenis of een geldboete van 82.000 euro.

Doodslag is een ernstig feit. Wordt u gehoord door de politie terzake doodslag of u heeft al een dagvaarding gekregen, overleg dan met een gespecialiseerde advocaat. Wij zijn bereikbaar op 035-303 8110. U kunt ook het contactformulier invullen. Wij nemen dan zo snel mogelijk contact met u op.

Doodslag - Problemen met justitie

Plaats hier een openbare vraag of reactie